Hoofdsponsor Hans Schipper haalt herinneringen op in Bergentheim (v.v. Bergentheim - PH)

‘De vroag noar oe is groot’

‘De vroag noar oe is groot’, zegt kaartjesverkoopster Ina, als hoofdsponsor Hans Schipper
(Brood.net) het prachtig aangeharkte sportpark Moscou betreedt. Veel Bergentheimers weten blijkbaar van zijn komst. Hans maakt op deze zonnige voorjaarsdag een ‘trip down memory lane’. Betsy verkoopt haar loten en heet Hans ook hartelijk welkom. Het bestuur heeft de deuren van de bestuurskamer wijd open gezet voor de Emmeloorder, die geboren en getogen is in Bergentheim.

De stemming is enigszins pessimistisch. ,,Wij hebben zelf zes afwezigen” zegt voormalig clubgrensrechter Eppie Hultink somber. En dat terwijl de tegenstander PH is. De geelzwarten uit Almelo zijn al twee weken kampioen en hebben nog niet één keer verloren. Toch is voorzitter Bert Nijenhuis ontspannen. Zijn club strijdt om een gunstige positie in de nacompetitie, maar het bestuur vraagt zich oprecht af of de club wel in de tweede klasse thuishoort.

Links en rechts handend schuddend, onder andere die van twee zwagers van de familie Kuiper, neemt Hans plaats op een houten bankje. De zon schijnt volop en daarom blijft de Herman Lottermantribune vrijwel leeg. Sportpark Moscou beschikt over een prachtig natuurgrasveld dat naadloos aansluit bij de nostalgische middag die Hans deze middag beleeft. Op dat soort velden speelde hij lang geleden ook zijn wedstrijden voor Bergentheim, samen met zijn kameraden Arend Slot, Be van der Sluis en Gerard van der Weide.

De wedstrijd tegen PH verloopt verrassend positief voor de groenwitten. De Bergentheimers tonen geen ontzag, werken hard en staan verdedigend goed. Ze nemen zelfs brutaal een 2-0 voorsprong dankzij doelpunten van Nick Buitenhuis en de goed debuterende Remco Tromp. Hans Pullen, die zichzelf bescheiden ‘ manusje van alles’ noemt bij v.v. Bergentheim, praat via zijn iPhone de luisteraars van Omroep Hardenberg professioneel bij. Hij heeft daarvoor zij pijp zelfs even aan de kant gelegd. In de tweede helft bijt PH meer van zich af. Er staat voor hen niets meer op het spel, maar verliezen, dat willen ze niet. Bergentheim wordt teruggedrongen en onvermijdelijke 2-1 en 2-2 vallen.

Hans en zijn kameraad Arend Slot beginnen ondertussen een gesprek met een achttienjarige jongen in trainingspak, die op het bankje naast hen zit en al in het eerste blijkt te hebben gespeeld. ,,Van wie ben jij er een”, vragen de zeventigers belangstellend. ,,Van Van der Sluis”, antwoordt de vriendelijke jongen. ,,O, wij hebben nog met jouw opa gevoetbald. Wist je dat jouw overgrootvader een fietsenzaak in Bergentheim had?” Nee, dat deel van de familiegeschiedenis is bij deze jonge Bergentheimer niet bekend. Hans en Arend zijn niet alleen geïnteresseerd in voetbal, maar ook in de geschiedenis van het dorp Bergentheim.

Hans en Arend laten de dorpsgeschiendenis even voor wat het is en focussen zich op de spannende slotfase. Hans wordt steeds enthousiaster, Arend analyseert vooral. Tot ieders vreugde weet Bergentheim vlak voor tijd via Ronny Hakkers de 3-2 te scoren. De eerste nederlaag van PH is een feit, een razendknappe prestatie van de thuisploeg. Tevreden wandelen de vrienden, de één hoofdsponsor en de ander erelid, naar de bestuurskamer, om onder het genot van een pilsje nog even na te praten. Hans geniet vooral van het feit dat de voetbalvereniging zo’n belangrijke rol speelt in het sociale leven van het dorp. ,,Eigenlijk wil ik dat vooral steunen.”

Het nagenieten vindt ook nog plaats als Hans in de auto is gestapt en zelfs thuis als hij verslag uitbrengt aan echtgenote Marianne, ook een Bergentheimse. Zoals Hans in het interview voor de jubileumsite al aangaf: ,,Ik ben ook sponsor van SC Heerenveen en van Flevo Boys in mijn woonplaats Emmeloord, maar v.v. Bergentheim voelt het meest als mijn voetbalclub. Het zal wel met het ouder worden te maken hebben. Ik ben nu 71 jaar en heb meer tijd om terug te kijken. Ik geniet van het herbeleven van mijn herinneringen.
v.v. Bergentheim is een belangrijk deel van mijn leven. Ik kijk uit naar het volgende bezoek aan de club.”